Waarom wil de staatssecretaris naar één doorstroomtoets?
Waar basisscholen nu kunnen kiezen uit zes doorstroomtoetsen voor groep 8 van verschillende aanbieders, heeft staatssecretaris Judith Tielen (VVD) het voornemen om in schooljaar 2029-2030 over te gaan naar een stelsel met een doorstroomtoets van één aanbieder.
Momenteel zouden er namelijk te veel vragen en zorgen zijn over de vergelijkbaarheid van de uiteenlopende toetsen. Dat schrijft ze in een brief aan de Tweede Kamer.
De AMN Doorstroomtoets, DIA Doorstroomtoets, DOE-toets, Leerling in beeld-doorstroomtoets, IEP Doorstroomtoets en Route 8 Doorstroomtoets: in 2026 konden basisscholen uit zes doorstroomtoetsen kiezen om af te nemen in groep 8. Deze doorstroomtoetsen moeten inzicht geven in de reken- en taalvaardigheden van leerlingen. De toetsresultaten zijn een aanvulling op het voorlopig schooladvies dat ze van hun leerkrachten krijgen en helpen leerkrachten om een beter aansluitend advies te geven.
Maar de variatie aan toetsen roept al langere tijd de vraag op in hoeverre de resultaten en adviezen te vergelijken zijn. In november 2024 diende D66-Kamerlid Ilana Rooderkerk al een motie in met het verzoek aan de regering om 'te verkennen wat er nodig is om te komen tot één doorstroomtoets en te komen met een mogelijk tijdpad voor de invoering daarvan'. Rooderkerk schreef in die motie dat de doorstroomtoets vanwege verschillen tussen de aanbieders 'onvoldoende betrouwbaar is voor het beoordelen van onderwijskwaliteit'.
Onderwijsraad pleit ook voor één aanbieder
De toetsen verschillen soms in meerdere opzichten van elkaar: zo kunnen sommige toetsen ook digitaal afgenomen worden, duren niet alle toetsen even lang en telt de ene toets bijvoorbeeld meer reken- dan taalopgaven of andersom. 'Volledige vergelijkbaarheid tussen toetsen is een utopie', stelt Tielen daarom in de betreffende Kamerbrief.
De oplossing die zij voor ogen heeft: 'Ik ben voornemens om per schooljaar 2029/2030 over te gaan naar een stelsel met één centrale aanbieder van zowel een papieren als digitale doorstroomtoets, tenzij er zich onverwachte ontwikkelingen voordoen die tot heroverweging van dit besluit leiden.' Ook de Onderwijsraad pleit voor één doorstroomtoets van één aanbieder, zodat alle groep 8-leerlingen dezelfde maken.
Het onafhankelijke onderzoeksinstituut SEO Economisch Onderzoek zocht in opdracht van het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap uit hoe scholen kijken naar het aantal doorstroomtoetsen waaruit ze kunnen kiezen. Uit dat onderzoek blijkt dat zo'n 80 procent van de basisscholen zes doorstroomtoetsen te veel vindt. Hoeveel doorstroomtoetsen er dan wel beschikbaar zouden moeten zijn, daar zijn die scholen het niet helemaal over eens, al geeft 76 procent van de scholen in het basisonderwijs in ieder geval aan dat het er drie of minder moeten zijn.
Meeste scholen welwillend
Cijfers uit het onderzoek van SEO laten ook zien dat een meerderheid van de scholen, zowel in het basis- als voortgezet onderwijs, welwillend tegenover de invoering van één doorstroomtoets staan. In dat geval wil het merendeel van de scholen wel dat er de mogelijkheid is om de toets digitaal of op papier te laten maken.
Wel moet er een kanttekening geplaatst worden bij de houding van scholen ten aanzien van een doorstroomtoets, staat in het rapport: basisscholen staan namelijk vooral positief tegenover één toets 'als daarbij ‘hun’ doorstroomtoets gebruikt gaat worden'. Veel scholen hechten waarde aan de keuzevrijheid die zij nu hebben.
Maar welke aanbieder het moet gaan worden, is nog niet bekend. Er moeten nog verschillende keuzes gemaakt worden 'over de stelselinrichting', schrijft Tielen. 'Zo moet in de governance worden bezien welke partij verantwoordelijk wordt voor de ontwikkeling van de toets, wie de toets gaat aanbieden en op welke wijze de kwaliteit van de toets wordt bewaakt.'
Vanwege de ontwikkeling van een nieuwe toets en het wetstraject zegt Tielen dat de invoering van één doorstroomtoets pas op zijn vroegst in schooljaar 2029-2030 ingevoerd kan worden.