Nederlandse PISA-resultaten nog nooit zo laag geweest

De leesvaardigheid van Nederlandse vijftienjarigen is de afgelopen jaren weer achteruitgegaan. Dat blijkt uit het nieuwste PISA-onderzoek, dat vandaag gepubliceerd is.

Nederlandse PISA-resultaten nog nooit zo laag geweest

De resultaten van PISA-2025 laten ook zien dat de prestaties op het gebied van wiskunde en natuurwetenschappen stagneren. Volgens PISA-directeur Andreas Schleicher 'gaat het niet de goede kant op met Nederland'.

Het PISA-onderzoek, dat sinds 2000 om de drie jaar in zo'n 95 landen wordt uitgevoerd, brengt de kennis en vaardigheden van vijftienjarigen op het gebied van wiskunde, lezen en natuurwetenschappen in kaart.

De Nederlandse resultaten zijn nog nooit zo laag geweest als bij PISA-2025. Vooral op het gebied van leesvaardigheid zijn de leerlingenprestaties hard achteruitgegaan. Waar in 2022 33 procent van de leerlingen niet het minimale leesniveau haalde, was dat in 2025 39 procent van de leerlingen.

Ook de resultaten voor wiskunde en natuurwetenschappen zijn het laagst sinds de eerste PISA-metingen, maar die verschillen niet significant van de uitkomsten uit 2022.

In gesprek met de Liniaal benadrukt PISA-directeur Andreas Schleicher ook dat dit 'de laagste scores voor Nederland ooit zijn' en dat 'het niet de goede kant opgaat met Nederland'. 'Zonder goede lees- en wiskundevaardigheden, zijn andere vakken ook niets waard', aldus Schleicher. Een gebrek aan die vaardigheden maakt het lastig om informatie te verwerken. 'Daarnaast laat onderzoek ook zien dat mensen die een goede wiskundebeheersing hebben, hogere inkomens en meer baanzekerheid hebben.'

Problematisch vooruitzicht
Hoewel Schleicher de diversiteit van het Nederlandse schoolsysteem prijst en efficiënt noemt, is er in Nederland veel ruimte voor verbetering, zegt hij. 'Het verschil tussen scholen is erg groot. De school die je kiest voor je kind, heeft veel impact op diens schoolresultaten. Je zou natuurlijk willen dat het tegenoverstelde het geval is en dat het niet uitmaakt naar welke school je kind gaat.' Een mogelijke oplossing is volgens hem om de beste leraren in de moeilijkste klassen te zetten.

Een ander 'problematisch vooruitzicht' is dat Nederlandse leerlingen niet heel nieuwsgierig zouden zijn. 'Het rapport toont dat het niet heel gemotiveerde leerders zijn. Ze tonen niet het level of agency dat je zou willen zien. Ze zien falen niet als een gelegenheid om beter te worden.' Op dat gebied kan Nederland wat leren van Aziatische landen, zegt Schleicher. 'Daar hebben ze van elke leerling hoge verwachtingen, er is een diep geloof dat elke leerling kan leren. In Nederland wordt het leerlingen makkelijker gemaakt als ze iets niet kunnen. Dat helpt niet als je wil dat ze beter worden.'

Bekijk het hele interview met Andreas Schleicher hier: