Zijn er ook zwartezwanen-bestuurders?

Kort geleden bezocht ik een symposium over leiderschap op zogenaamde zwartezwanen-scholen. Socioloog Iliass El Hadioui heeft deze term geïntroduceerd in het Nederlandse onderwijs.

Zijn er ook zwartezwanen-bestuurders?

Hij heeft zich laten inspireren door Nassim Nicholas Taleb die het in 2007 over een ‘Black Swan Event’ had, waarmee hij doelde op buitengewone en complexe situaties die buitengewoon veel impact hebben. Te denken valt aan de uitbraak van corona of een financiële crisis.

El Hadioui gebruikt de term om scholen aan te duiden die hogere resultaten behalen dan je op basis van de schoolweging zou hoeven te verwachten. Blijft overigens bijzonder dat we kennelijk van bepaalde leerlingen minder hoge verwachtingen hoeven te hebben, maar dat terzijde.

Er zijn aanwijzingen dat de ingrediënten voor een zwartezwanen-school behoorlijk hetzelfde zijn. Te denken valt aan een cultuur van hoge verwachtingen, duidelijke gedragsafspraken, de inzet van effectieve didactiek, een doorgaande leerlijn binnen de school en sterk inhoudelijk schoolleiderschap. 

Mijn school hoort op dit moment bij de zwartezwanen-scholen. Keiharde criteria zijn nog niet duidelijk, maar de schoolweging is hoog en het percentage 2F en 1S op de doorstroomtoets is hoger dan men op basis van de leerlingenpopulatie zou verwachten.

Tijdens het symposium werd de vraag gesteld of er naast zwartezwanen-scholen ook zwartezwanen-besturen bestaan. Is een goed bestuur een voorwaarde voor een goede school? 

Ondanks het bestuur…

In het verleden was ik sceptisch over het belang van goed bestuur. Ik had best veel sympathie voor de ideeën van Paul van Meenen (toen lid van de tweede kamer voor D66) die vond dat het onderwijsgeld naar de scholen moest zonder dat er al te veel afgeroomd zou worden voor bestuurders en de instandhouding van hun bestuurskantoren. 

Toen had ik de mening dat bestuurders te veel geld onttrekken aan het onderwijs en dat ze met hun PO-raad-vriendjes praten over zaken waar ze veel te ver vandaan staan; over dat het wel meevalt met dat lerarentekort of dat werkdruk slechts een gevoel is.

Ik had dan mijn zorgen geuit over het gebrek aan (onderwijs)inhoud en sturing en ik had mij opgewonden over de spiegeltjes en kraaltjes (in de vorm van bingo's, nieuwjaarsborrels, feesten, studiereizen en andere zaken) onder het motto van "binden en boeien". 

Dus ik zou toen hebben gezegd dat je een bestuurder niet nodig hebt, en  voldoende hebt aan een administratiekantoor dat af en toe zorgt voor de juiste documenten, voor het aanleveren van een subsidieaanvraag, etc.

Als ik in die tijd een zwartezwanen-school was geweest, dan was dit niet dankzij het bestuur maar misschien zelfs wel ondanks het bestuur.

...of dankzij het bestuur?

Echter, als scholen beter zouden functioneren door goed leiderschap, waarom zou dit dan ook niet voor besturen gelden? Mijn beeld van bestuurders is de afgelopen jaren veranderd. Dat kwam vooral na gesprekken met bepaalde bestuurders met veel onderwijsinhoudelijke kennis, een duidelijke visie en een duidelijke richtinggevende rol binnen de organisatie.

Het is toch heel fijn als een bestuurder zorgt voor kennisdeling binnen de organisatie die niet botst met de visie op leren of die haaks staat op bekende wetenschappelijke principes. 

Ook zorgen kennis over onderwijs en leren voor kritische en opbouwende vragen die schoolleiders en andere betrokkenen aan het denken zetten. Dat draagt bij aan een inhoudelijke ontwikkeling (en verbetering) van het onderwijs.  

In situaties van heftige crisis is het daarnaast fijn om iemand in de nabijheid te hebben die wel afstand kan nemen en tegelijk voor de school(leiding) als een soort hitteschild kan functioneren. Tot een jaar geleden wist ik niet dat bestuurders ook aan nazorg deden!

Trouwens, die betrokkenheid en zichtbaarheid helpt ook dat de bestuurder binnen de school niet per ongeluk wordt aangezien voor de nieuwe zij-instromer. 

Een goede bestuurder zorgt voor een gemeenschappelijk gevoel binnen de groep schoolleiders en voedt je met de gedachte dat je elkaar nodig hebt en dat je elkaar in moeilijke tijden moeten steunen en dat je mooie dingen met elkaar moet delen om elkaar te versterken. Daarin wordt het goede voorbeeld gegeven alsof het expliciete directe instructie betreft.

Bovenal is een goede bestuurder in staat om in het belang van het collectief duidelijke keuzes te maken. En omdat die helderheid er is, hoef ik als schoolleider minder te zoeken en ben ik dus beter in mijn werk dankzij mijn bestuurder.

Dus hopelijk toch dankzij in plaats van ondanks

Zoals bij leerkrachten, kwaliteitscoördinatoren en schoolleiders is de kwaliteit van bestuurders sterk persoonsafhankelijk, maar de noodzakelijke ingrediënten voor een sterke onderwijsbestuurder lijken mij inmiddels duidelijk: een duidelijke onderwijsvisie, kennis van de inhoud, hoge verwachtingen van de scholen en een heldere transparante aanpak die niet gericht is op het vergroten van het marktaandeel maar op het versterken van de onderwijskwaliteit, waar onze leerlingen baat bij hebben. 

Bof ik even!